Search for posts by Sanne
First Page | « | 1 ... 9 | 10 | 11 | 12 | 13 ... 69 | » | Last
Search found 684 matches:
Re: O] It's no longer all about faith, trust and pixie dust. It's about mercy.
from Sanne on 04/30/2018 05:10 PMNoa
Het liefst stop ik mijn vingers in mijn oren, om maar niet te hoeven horen dat mijn minuten vanaf nu geteld zijn. Er is nu geen weg meer terug, ik kan moeilijk zeggen dat ik het toch niet wil. Ook omdat het niet waar is, althans niet helemaal. De verscheurdheid in mij blijft maar voortduren. Het verlangen om hier te blijven bij Kane, het gevoel dat ik meer mezelf ben in Neverland dan ik ooit eerder ben geweest. Het besef dat ik gelukkig ben hier. Maar, mijn vader. Sommige dingen van mijn oude leven mis ik, zoals mijn muziek. Het gemak waarmee ik mijn oude ipod pakte en voor uren naar muziek kon luisteren. De achteloosheid van Instagram openen en zonder erbij na te denken maar door te blijven scrollen. Maar dat alles lijkt te vervagen bij het leven hier. Het leven gaat hier niet langs je heen, het is echt, het is puur.
Stilletjes laat ik Kane me dichter tegen zich aantrekken en ik verberg mijn gezicht tegen zijn borst, terwijl ik Lillith hoor zeggen dat dit mijn laatste avond hier is. Al mijn gedachten lijken te stoppen en te verdwijnen. Verslagen, maar opgelucht. Verdrietig, maar blij. Nog even stil blijf ik wachten tot Lillith weg is en tot Kane gesproken heeft. Inmiddels heeft hij me niet meer strak vast, maar lig ik nog steeds dicht tegen zijn borst aan. Mijn armen zitten tussen ons in gevouwen en het liefst verbeg ik mijn gezicht in mijn handen, maar ik houd mezelf tegen. 'Kane,' fluister ik zacht en kijk op naar hem. 'Ik wil niet gaan.' fluister ik nog wat zachter. 'Maakt me dat een slecht persoon?' vraag ik dan en kom wat overeind, zodat ik hem wat beter kan aankijken. Even weet ik niets meer te zeggen als ik hem aankijk, omdat een golf van verdriet me raakt. Met een klein glimlachje leg ik mijn hand op zijn wang en strijk daar zacht langs, waarna ik helemaal rechtop ga zitten en mijn ogen langs de kamer laat gaan.
'Eigenlijk is er niet veel wat ik mee wil nemen, behalve jou.' zeg ik glimlachend, omdat ik liever glimlach dan toegeef aan de tranen. Even val ik stil, waarbij ik nadenk. Mijn brein heeft eerder een idee dan mijn lichaam en ik neem mijn ketting af, waar een klein zilveren hartje aan hangt. 'Deze is van mijn moeder geweest. Op aarde staat een hartje voor liefde. Kan je deze veilig houden voor me, tot de volgende keer dat we elkaar zien?' vraag ik en pak zijn hand vast, waar ik het kettinkje met hartje in leg.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you
Re: O] Together, we will make it into anything we've ever dreamed it would be
from Sanne on 04/29/2018 02:41 PMMyra
Grijnzend als een malle, ren ik zacht en zo snel mogelijk door de lange tunnel, die donker is. De lucht is er dik en vochtig, alsof er haast nooit iemand komt. Misschien is deze geheime tunnel wel mijn antwoord op alles, de roep naar vrijheid die misschien eindelijk beantwoord gaat worden. Het licht aan de eind van de tunnel lijkt ver weg en hoewel ik voor nu veilig ben, wil ik niet stoppen. Ondanks dat ik zo moe ben, zo buiten adem. Wat ik doe lijkt niet eens meer op rennen, het is meer zo snel mogelijk strompelen. Mijn longen branden en het voelt alsof ik ze straks ga uitkotsen, maar ik blijf zo lang mogelijk doorgaan. Uiteindelijk bezwijk ik een paar stappen voor het einde van de tunnel bereikt is. Daar zak ik in elkaar en kruip op handen en knieën de open lucht in. In een korte oogopslag zie ik dat het een verborgen vallei is, waar een oud ogende hoge toren staat, maar dat is het.
Uitgeput laat ik me op mijn rug vallen en staar naar boven, al hijgend. Een vieze metaalachtige smaak, die vaak gepaard komt met overgeven, valt met gemak te negeren nu ik de overwinning en vrijheid proef. Een paar minuten blijf ik liggen, kijkend naar de zon in de strakblauwe hemel. Ergens in die paar minuten weet ik mijn hart rustig genoeg te krijgen om mijn ademhaling weer onder controle te krijgen. De vermoeidheid ebt ook wat weg nu ik mijn verzuurde spieren even laat rusten, maar ik weet dat ik hier niet kan blijven. Helemaal niet in het open veld, het voelt veel te gevaarlijk. Een kreun rolt over mijn lippen als ik me omdraai en op mijn buik eens goed rondkijk. De vallei vangt veel zon en is werkelijk prachtig vredig. Met een vijvertje, waar het bruist van het leven, tot de grote bloemenvelden. Hetgeen wat echter het meeste in het oog springt, is de toren. De stenen waren vast ooit wit marmer, maar zien nu groen van het mos en de klimop vol met bloemen. Verder was het hout ooit vast mooi rood geverft, maar inmiddels is het ietwat afgeblakert en ziet het meer oranje dan rood. Toch doet het aan als vertrouwt, waarschijnlijk omdat dit mijn enige kans op rust is. Als ik hier een paar dagen kan overbruggen, dan kan ik daarna doortrekken. De wachters zullen het hele bos uitkammen, maar het ziet er hier zo verlaten uit dat ik denk dat deze plek al in jaren niet door andere mensenogen gezien is. Met een zucht duw ik mezelf overeind en loop naar de toren toe. De tas met de kroon knoop ik stevig vast en ik begin met klimmen. Het is een voordeel dat ik altijd goed geweest ben in klimmen, zo heb ik immers ook de kroon gestolen. Het was makkelijker dan ik dacht, ik beklom het paleis op een blinde vlek zonder wachters en had de kroon te pakken voor iemand er erg in had.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you
Re: O|| If you want to know what a man's like, take a good look at how he treats his inferiors, not his equals
from Sanne on 04/22/2018 11:04 PMLura
Met moeite zorg ik ervoor dat ik niet met mijn ogen rol. Een natuurlijke en logische reactie op zijn overdreven gedrag. Hij lijkt zo vol van zichzelf te zijn, dat hij zich niet realiseert dat hij zich ronduit belachelijk gedraagt. Het liefst zou ik hem toeschreeuwen dat we niets van elkaar verschillen, dat het niet uitmaakt tot welk ras we behoren, dat we gelijken zijn. Maar ik weet dat het geen zin heeft. Deze jongeman is zijn hele leven al de lucht in geprezen, hij weet simpelweg niet beter dan dat hij degene is om wie het allemaal draait. En het voelt als een onmogelijke opgave om hem tot een ander inzicht te brengen. Helemaal als hij met deze attitude blijft zitten. Dus in plaats van het erger te maken na zijn belerende opmerking, zeg ik niets en steek ik enkel mijn tong naar hem uit als hij zijn blik weer afwend.
'Het is opvallend hoe je het telkens hebt over jullie nimfen, voor altijd en eeuwig één, maar als het je uitkomt dan is het niet jouw schuld dat ik hier met huisarrest vast zit.' merk ik op terwijl ik nonchalant een blik op mijn nagels werp. Nog steeds voel ik mijn vrouwelijke trekjes en behoeften nagonzen in mijn aderen, maar zijn woorden en houding zijn zo onaantrekkelijk dat ik voel dat het weg begint te trekken. Een prachtig uiterlijk, jammer dat hij te dom is om te poepen. Of in dit geval, om te seksen. 'Aeson...' zeg ik, waarbij ik me besef dat het de eerste keer is dat ik zijn naam hardop zeg, en kijk hem aan. 'Ik respecteer je cultuur extreem veel, net zoals alle nimfen. De verhalen die je tot nu gedeelt hebt zijn prachtig, maar het zou ons beiden een stuk helpen als je het verschil zou zien tussen sarcasme en oprechtheid. Tussen een grapje en respectloosheid. Misschien moet ik het er wat minder dik opleggen, maar voor jou is er ook zeker wat te leren. Dus in plaats van zo belerend en bestraffend te doen, behandel me eens als een vriendin in plaats van een vijand.' zeg ik en geef zacht een klopje op zijn arm, die hij weer terug heeft gegeven.
Even kijk ik hem aan, voor ik mijn mondhoeken heel langzaam omhoog laat komen in een glimlach. 'Preuts is het laatste wat ik ben, gemanierd is het eerste wat ik wel ben.' zeg ik, plagend, hoewel ik niet zeker weet of hij inmiddels het onderscheid kan maken tussen de twee. Maar zonder oefenen komen we er nooit. Dat gebruik ik maar als excuus om voor alsnog dezelfde opmerkingen en grapjes te maken. Anders is het maar zo saai samen met een nimf die een godscomplex heeft.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you
Re: [O] We live in the water, we love by the moon.
from Sanne on 04/19/2018 12:15 AMYuki
De korte grinnik die hij los liet toen ik mijn grapje had gemaakt, zorgt ervoor dat ik wat breder glimlach. Hoewel het misschien geen naar adem happende, op benen slaan, tranen van het lachen grap was, was het weldegelijk een grap. En voor mij is dat een hele vooruitgang. Normaliter kan ik niet eens denken aan grapjes, ze komen simpelweg niet op. Wat er vaak voor zorgt dat een ongemakkelijke stilte nog ongemakkelijker wordt en ik niet weet hoe ik ermee om moet gaan. Sommige mensen hebben van die natuurlijke charisma, die ervoor zorgt dat alles wat ze zeggen direct wordt opgevat als de grap van de eeuw. Het is duidelijk dat ik die charisma niet bezit, dat ik eigenlijk heel veel niet bezit, behalve mijn krachten. En dat is genoeg. Dat is wat ik mezelf vertel, wat ik geloof. Elke dag, elk uur en zelfs elke minuut die ik doorbreng met Tatsuo, probeer ik mezelf dat voor te houden. Het is genoeg. Op den duur zal hij het begrijpen, zal hij begrijpen waarom ik ben zoals ik ben. Iemand met de krachten die ik heb, kan zich nou eenmaal niet permiteren om te werken aan een natuurlijke charisma. Daarbij, als je werkt aan een charisma, is het dan nog wel een natuurlijke?
Zijn opmerking komt bij me aan, maar ik begrijp hem niet helemaal. Waarom zou hij me neer willen pinnen? Wat heeft hij eraan om bovenop me te zitten en me neer te pinnen tegen de grond? Een paar momenten is het stil, voor het kwartje valt en het beeld wat ik erbij heb in mijn hoofd omslaat in eenzelfde situatie als toen hij me ook tegen de grond drukte, bij het water. Het is duidelijk dat mijn onschuld en onkunnen weer eens niet begrijpen waarom hij een enigszins ongemakkelijke en afwachtende blik op zijn gezicht heeft. Alsof hij wacht tot ik ontplof, terwijl het daar nu al te laat voor is. Als ik nu pas zou reageren, zou hij begrijpen dat het me zo lang heeft gekost om de opmerking te begrijpen. Dat zou hem alleen maar meer aanleiding geven om te denken dat ik tekort schiet in meer dan slechts een paar vlakken. Niet dat ik daar wakker om zou liggen, het kan me vrij weinig schelen als hij zich op persoonlijk vlak verheven voelt boven mij, zolang hij maar weet dat professioneel gezien dat niet zo is. Uiteindelijk ben ik de Sifu, iets wat me een vlaag trots geeft. Die in een giftige vis is gaan staan, haar voet heeft laten uitzuigen en bijna dood is gegaan. Dat zorgt ervoor dat de trots vervaagt en ik achterblijf met het vage schuldgevoel en de schaamte.
Geheel onverwachts lacht hij nog om mijn grap, een paar seconden te laat. Toch zorgt het ervoor dat ik opnieuw glimlach, alleen dit keer met gesloten mond. Erg vaak glimlach ik niet, vaak uit beleefdheid, wanneer het niet veel meer is dan een vriendelijk optrekken van mijn mondhoeken. De glimlach van daarnet, waarbij ik mijn tanden ontblootte, was de eerste sinds maanden, zo niet jaren. En deze van nu, is ook een oprechte. Zijn opmerking doet me zowaar met mijn ogen rollen. Een stemmetje in mijn hoofd begint te schreeuwen waar ik precies mee bezig ben, dat een Sifu niet met haar ogen rolt naar een jongeman van de koninklijke bloedlijn. 'How honourable, what a hero you are.' zeg ik met een sarcastische stem, die de stem in mijn hoofd direct minstens drie octaven hoger en 30 decibel luider laat schreeuwen. Stilletjes kijk ik toe hoe hij het bord overpakt, het laatste stukje vis in zijn mond propt en naar het bed toe komt.
Even ben ik volledig uit het veld geslagen en kijk ik hem verward aan en deis ik zowaar wat achteruit als hij begint met me vastpakken. Dat is echter niet langer dan een enkele seconde, waarna ik snap dat hij me wilt helpen. Dat ik me herinner dat dit mijn verzoek was, dat ik hem had gevraagd, zelfs gesmeekt, of hij me naar het water wilde brengen. 'Is this really necessary?' mompel ik zacht, waarna ik zijn opmerking hoor over geen gezeur over deze tocht. Dus adem ik diep in, zet ik het van me af en sla mijn arm rond zijn schouder voor extra steun. Inmiddels is de zon onder en voel ik de maan trekken. Net wanneer ik mezelf gerust wil stellen met het feit dat we toch alleen naar de zee gaan, herinner ik me hoe hij zei dat hij me naar de lagune mee wilt nemen. Met moeite onderdruk ik een kreun en probeer het opnieuw van me af te zetten. Ik krijg het gevoel dat Tatsuo en ik in dit opzicht exact hetzelfde zijn; als we eenmaal ergens ons op focussen, dan willen we ook dat het op een bepaalde manier gebeurd. Dus, ontspan ik me. Zijn armen voelen vreemd. Ze zijn warm. En sterk. En voelen als een kooi. En voelen veilig tegelijkertijd. Zijn huid voelt raar tegen die van mij. Het plakt niet, omdat de zon onder is en het een aangename temperatuur is. Het voelt als twee zijde doeken die langs elkaar heen bewegen. Alleen dan honderd keer meer intens. Elke zenuw die zijn huid aanraakt, staat op scherp. En ik snap het niet. Waarom voelt het zo warm, maar tegelijkertijd zo fris? Het is intens, maar tegelijkertijd is het zo vanzelfsprekend. Het is vreemd. Het is raar. Ik vind het niets. Ik vind het geweldig.
Terwijl hij rustig stap voor stap ons dichter naar het water brengt, denk ik na. Niet alleen over hoe zijn adem zacht kietelt tegen mijn wang, maar ook over hoe hij tot ademen is gekomen. Geheeld in de oase. Geheeld door Tui en La zelf. Geheeld in het meest heilige en mysterieuze water ter aarde. Bij de Avatar, menigeen zou massamoord begaan met liefde om op die manier gezegend te worden. En het enige wat het hem heeft opgeleverd, is een blokkade tot een geweldig prachtige kracht. Eentje die, weet ik zeker, me tot tranen zou kunnen roeren. Alleen al door het bestaan ervan. Het voelt heilig, maar het is niet alsof hij er heilig door voelt. Het is meer dat ik hem wat beter begrijp, althans, dat ik meer begrip kan opbrengen en harder mijn best zal doen het te kunnen begrijpen. Als we er bijna zijn, voel ik niet alleen de maan trekken, maar het water ook. Als een onzichtbaar lijntje, als een elfenlied wat me trekt. Even kijk ik op naar zijn gezicht, dat angstaanjagend dichtbij is. Ondanks dat ik mijn hart onder controle heb, zorgt het voor een mini-paniek aanval dat ik zo dichtbij ben. Aan de ene kant voel ik me net een opgejaagd dier. Een dier in nood, op de afgrond van aangevallen worden. Met mijn gezicht zo dichtbij dat van hem, ben ik veel te weerbaar. Aan de andere kant, weet ik niet hoe ik me voel. Het is het onrustige gevoel wat ik zo heel af en toe voel bij hem. Een soort onderhuids roeren, maar ik snap het niet en eerlijk gezegd is het bijna nog meer angstaanjagend dan zijn gezicht zo dichtbij dat van mij.
Voor ik er te veel over na kan denken, stapt hij het water in en voel ik binnen de korste keren het lagune water tegen mijn huid. Een lange en diepe zucht is mijn eerste reactie. Het water voelt zo ontzettend schoon en puur tegen mijn huid, dat ik me direct beter voel. Binnen nog geen seconde gaat het beter. Toch ben ik bang. Wat als het gif te diep zit? Wat als het opnieuw mijn hart in problemen gaat brengen als ik eraan ga trekken en pielen? Of misschien nog erger, wat als het gif mijn watersturen heeft beperkt. Moeizaam slik ik en pas als ik een miniscule beweging bij mijn zij voel, besef ik me pas dat ik hier niet alleen ben. Opnieuw kijk ik even op naar hem, waarna ik mijn arm uit zijn nek haal. Vervolgens haal ik diep adem en sluit ik mijn ogen tegelijkertijd. Met mijn handen gekruist over mijn borst, trek ik aan het lijntje. Onder mijn gesloten oogleden door, zie ik de blauwe gloed. Het blauw omringt me, is overal. Het trekt, het duwt, het pest, het streelt. Het reinigt, het verzorgd, het herstelt. Het is als een drug, de beste drug ooit. Met elke ademhaling die ik doe, voel ik me beter. Onbewust zak ik wat onderuit in Tatsuo's armen, zodat het water me nog meer omringt. Het gevoel van kracht, mijn kracht, keert terug. Met elke seconde die voorbij gaat, voel ik het aanzwengelen. Het is als een pulserend en levend iets, wat minstens zo blij is mij terug te zien. Terwijl ik mezelf herstel, voel ik de maan steeds hoger in de hemel klimmen. Inmiddels is de maan halfvol en geeft me zoveel kracht om mezelf te genezen, dat ik er haast duizelig van wordt.
In een opwelling open ik mijn ogen. Mijn hele visie is blauw, alsof het zelfs uit mijn ogen komt. Mijn ogen zoeken die van Tatsuo en voor een moment kijk ik hem alleen maar aan, waarbij ik voel dat mijn mondhoeken een miniscule beweging omhoog maken. 'De maan roept.' mompel ik met een verbazingwekkende serene en heldere stem, hoewel het klinkt alsof ik ijl, waarna ik mijn ogen weer sluit en het proces keer op keer herhaal.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you
Re: O] Just because someone stumbles and loses their path, doesn't mean they're lost forever
from Sanne on 04/17/2018 11:03 PMDaisy
Als ik merk dat Will niet direct achter me staat, vraag ik me af of hij bij de dames is blijven plakken. Die dames die eruit zien alsof ze zo uit een catalogus zijn geplukt en hier neergezet. Met Will die hun gedachten kan lezen, zal hij misschien wel bij zulke mensen blijven plakken om zijn ego wat te strelen. Ik weet dat ik dat af en toe ook eens nodig zou hebben, helemaal als ik zojuist langs een kudde van die catalogusleeuwinnen ben gelopen. Het zorgt ervoor dat ik me extra bewust ben van elke tekortkoming van mijn lichaam. Dingen die zij hem wel zouden kunnen bieden, maar ik niet. Zacht schud ik mijn hoofd en focus me op de verkoopster, die geduldig omgaat met mijn onweten.
Will duikt op het goede moment op en zegt dat ik mag pakken wat ik nodig heb. Argwanend en onderzoekend kijk ik hem aan. Ik heb geen geld, dat weet hij. Het enige geld wat ik heb, is wat ik toen vlak voor ik met hem mee ging had gepikt. Nog steeds voel ik daar geen enkele spijt voor, omdat dat nou eenmaal is hoe mijn wereld toen in elkaar zat. Dat geld maakte een verschil tussen een week verkleumen en het besterven op de straat, of een week in een opvangcentrum slapen. Nog even kijk ik naar hem, maar zijn blik is gevestigd op de make-up die voor ons staat en ligt. Met de opmerking van de verkoopster, die ongetwijfeld vriendelijk bedoelt was, voel ik me even wat verstarren. Vriendje? Is dat hoe ze ons nu zien samen, als vriend en vriendin? Waarom deden die meiden dan zo verlekkerd toen ze hem zagen, zelfs als ze dachten dat ik samen was met hem. Zonder te begrijpen waarom, kijk ik zo onopvallend mogelijk naar Will vanuit mijn ooghoeken. Hij lijkt erg ongemakkelijk bij de opmerking, wat me onverwacht veel pijn doet. Als hij niet wilt dat mensen ons zo zien, dan moet hij niet zo dom me zoenen. Niet dat het dom was, nee het was verre van dom. Het was een van de beste momenten uit mijn leven en het voelt ontzettend triest dat toe te geven.
Ik schraap mijn keel en zet een gespeeld grote glimlach op. 'Wat een lieve opmerking, bobba van me.' zeg ik op een gespeeld hoge en blije toon, terwijl ik met mijn ene hand mijn hals aanraak en met de ander zijn hand kort vastpak. In mijn ogen glimmen pretoogjes en ondanks het ietwat ongemakkelijke moment van daarnet, geniet ik optimaal van de situatie die ik nu gecreeerd heb. De verkoopster lijkt even uit het veld geslagen, wat exact mijn bedoeling was. Snel laat ik Will zijn hand weer los en kijk hem nog even met een zijwaardse glimlach aan, waarna ik de verkoopster allerlei dingen op mijn gezicht laat smeren. Ze smeert iets onder mijn ogen, dan op mijn hele gezicht, dan zet ze een kleurpotlood op mijn wenkbrauwen en een natte kleine kwast met zwarte inkt op mijn ooglid. Uiteindelijk komt ze aanzetten met een mini borsteltje waarmee ze mijn wimpers wilt kammen, wat me nogal onnodig lijkt, maar goed, het is haar feestje. Als laatste trekt ze ergens een knalrode lippenstift vandaan, maar daarvoor hef ik mijn hand op. Dit was precies de kleur die de jonge meisjes die hun lichaam verkochten gebruikten om er ouder uit te zien. De verkoopster smeert een ander goedje op mijn lippen en uiteindelijk houdt ze een spiegel voor om het te laten zien. Mijn huid is egaal, mijn wangen kleuren zacht roze en mijn jukbeenderen lijken extra scherp. Maar niet op een "dat meisje eet te weinig", maar een heel andere manier. Met het dunne lijntje zwart op mijn ooglid en mijn wimpers die ook zwart zijn en mooi omkrullen, herken ik mezelf haast niet terug. Een korte stilte valt. 'Ik... Het is heel mooi, maar... Maar ben ik dat nog wel?' vraag ik en kijk dan om naar Will. Onzekerheid slaat toe als een donderslag bij heldere hemel.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you
Re: [O] We live in the water, we love by the moon.
from Sanne on 04/16/2018 12:30 AMYuki
Het laatste woord was lastig om hardop uit te spreken. Dat door het simpele feit dat ik niet gewend ben om naar dingen te vragen. Vaak kan ik dingen afdwingen, alleen al met een juiste blik in de juiste richting. Het woord zorgt ervoor dat ik me kwetsbaar voel, kwetsbaar voor de afwijzing. Want wat als hij nee zegt? Wat als hij me niet naar het water wil brengen en ik echt mezelf erheen zou moeten slepen? Dat zal me uren duren, in plaats van de twee minuten die het hem kost om me naar de zee te helpen. Hetgeen wat ik misschien wel het ergst vind, is dat ik geen idee heb van hoe hij zich voelt. Is hij boos om wat er is gebeurd? Is hij teleurgesteld? Geirriteerd? Misschien haat hij me wel nu, omdat hij voor me heeft moeten zorgen terwijl hij dat niet wilde. Als het andersom was geweest, zou ik niet eens kunnen beginnen met mijn gevoelens onder woorden te brengen. Misschien wel het meest omdat ik mijn gevoelens vaak niet snap en de juiste woorden niet kan vinden.
Het blijft zo lang stil, dat ik uiteindelijk maar opkijk. Wat als hij in slaap is gevallen, omdat hij zoveel zorg had aan mij dat nu ik weer praat hij eindelijk kan stoppen met mantelzorger spelen. Tot mijn opluchting zie ik dat hij niet slaapt, maar achteruitgezakt in de stoel zit, starend naar het plafond. Haast gehypnotiseerd staar ik naar hem, tot hij zijn hand door zijn haar haalt en ik wel weg moet kijken. Niet dat ik snap waarom, maar het voelt niet juist om te blijven staren. Dus kijk ik naar het bord met de vis. Het ruikt heerlijk en herinnert me eraan dat ik honger had. Maar nu ik mijn woorden gesproken heb, is mijn maag al meer dan gevuld met het schuldgevoel en de angst voor afwijzing. Uiteindelijk hoor ik eindelijk woorden, die zacht beginnen, maar al snel in volume toenemen. Een opgeluchte zucht, van ingehouden adem, laat ik los als hij zegt dat hij mijn excuses accepteert. Dankbaar kijk ik hem aan. Niet alleen voor het accepteren van mijn excuses, maar ook voor al zijn hulp. Boos, teleurgesteld of geirriteerd, het maakt toch niet uit. Hij heeft me geholpen en dat zal ik niet vergeten. Een korte stilte valt, waarin ik zacht mijn keel schraap. 'It's also not your fault. If anything, its you're fault I'm still here. Thank you.' zeg ik zacht en kijk hem kort aan met een kleine glimlach, waarna ik mijn blik opnieuw afwend.
Persoonlijk contact heb ik altijd lastig gevonden. Gewoon contact, als ik praten en dingen uitleggen, niet. Dan kon ik de Sifu zijn, maar met dit soort gesprekken is de Sifu niet genoeg. Dat is slechts een bovenlaagje van de persoon die ik daadwerkelijk ben. De persoon die niemand kent, die ik niemand ooit laat zien. De persoon die te onzeker is om gezien te worden, die haast leeft op de angst voor afwijzing, die leeft op de angst van leven. Even luister ik stil naar zijn woorden, maar als hij zegt dat het water hem niet helemaal heeft gered bij zijn geboorte, kijk ik nieuwsgierig op. Direct werken mijn hersenen weer op volle touren, alsof ik niet zojuist 24 uur van pure marteling heb doorgemaakt. Strak staar ik hem aan, terwijl ik de woorden probeer te begrijpen. Als baby geheeld worden, is haast onmogelijk, tenzij dat gebeurd is met het water van de oasis. De oasis, iets waar zo weinig kennis en informatie over te vinden is, dat het me bijna fysiek pijn doet om er niet naar te vragen. Natuurlijk kent hij de oasis, hij hoort bij de koninklijke familie. Nog steeds ben ik diep onder de indruk, helemaal als ik me realiseer dat hij hier wel over moet praten. Dat hij in de oasis is gelegd en dat de maan en oceaan geest hem geholpen hebben als baby is haast van cruciaal belang. Het zou verklaren hoe hij de blokkade heeft en hoe hij voor alsnog een levende draak heeft gemaakt. Het zorgt voor een hoofdpijn, maar ik maak de mentale aantekening hier later naar te vragen, om te proberen het te begrijpen.
Als hij naar de vis wijst, volg ik zijn vinger en kijk ernaar. Het is niet veel, daar ben ik blij om. Hij lijkt zelf ook te snappen dat ik geen kilo vis naar binnen ga krijgen, daar ben ik simpelweg niet voor gebouwd. Klein glimlach ik om zijn woorden, waarna ik naar hem opkijk. 'I know that licking my foot was passing a boundry but I wasn't aware of the fact that you'd like to sit on me too.' zeg ik voor ik er erg in heb. Voor een miniscuul moment valt er een stilte, waarna ik breed glimlach en weer naar de vis kijk om het zo goed mogelijk te verbergen. Een sarcastisch stemmetje in mijn hoofd begint te roepen dat iemand de krant moet bellen, omdat Yuki Sato zojuist een grapje heeft gemaakt. Stilletjes begin ik de vis te eten, tot er nog een klein hoopje vis ligt, maar ik werkelijk niets meer in mijn maag kan krijgen. 'If I eat anymore I will explode and that won't be pretty, not to mention I won't be able to heal that.' zeg ik dan en kijk naar hem op, ietwat opgetrokken wenkbrauwen, als een stille vraag of we nu kunnen gaan dan.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you
Re: ORPG) Becoming fearless isn't the point. That's impossible. It's learning how to control your fear, and how to be free from it.
from Sanne on 04/15/2018 05:44 PMRose
Het ontgaat me niet hoe zijn ademhaling steeds dieper en zwaarder lijkt te gaan, met elk kusje dat ik in zijn nek druk. Nog een extra reden dat ik de zuigzoen maak, gewoon, omdat het kan. Glimlachend kijk ik zo onschuldig mogelijk op als hij verbaast vraagt wat ik aan het doen ben. Nog voor ik antwoord kan geven, grijpt hij me vast en draait ons om. Lachend laat ik het toe. Het lijkt alsof alle ellendigheid van zojuist verdwenen is, of misschien dat het gemakkelijker is om het te vergeten. Toch sluimert het na, ik voel het in mijn achterhoofd. Het verdriet, de verwarring, de verbazing. We moeten erover praten. Misschien moeten we... Zijn lippen in mijn nek zorgen ervoor dat al mijn gedachten week worden, net zoals mijn ledematen. Toch weet ik het voor elkaar te krijgen om mijn benen wat op te trekken, zodat ik nu bovenop hem zit met mijn onderlichaam, maar met mijn bovenlichaam zo dicht mogelijk blijf. Terwijl zijn lippen afdalen in mijn nek, glijd ik zacht met mijn hand over zijn borst. Mijn hoofd ligt in zijn nek en dit keer ben ik degene die het zwaar heeft. Met moeite probeer ik mijn ademhaling, lichaam en geluiden die ik dreig te maken onder controle te houden. Wat ik niet tegen kan houden, is dat ik zacht hijg en dat mijn warme adem de huid van zijn nek streelt.
Plotseling maar toch uiteindelijk lijkt er een einde te komen aan zijn aanval en weet ik weer wat adem tot me te nemen. Met zijn caramelbruine ogen die me glinsterend, vragend en zacht aankijken, voel ik mezelf weer wat warmer worden. Zal ik? Wil ik? Ga ik? Langzaam buig ik me wat voorover en druk mijn lippen kort op die van hem. Dan kom ik weer wat overeind en glimlach. 'Ik denk dat je een koude douche moet nemen om wat af te koelen. En ik denk dat je maar beter kan luisteren, aangezien ik je nu niet alleen kan verbranden, maar ook kan stenigen.' zeg ik en voel de glimlach groeien tot een grijns. Nog een keer druk ik mijn lippen tegen die van hem aan, waarna ik overeind krabbel en van hem af klim.
Hoewel het me de grootste moeite kost, loop ik naar de keuken alsof ik daar niet de grootst mogelijke moeite mee heb en schenk een glas koud water in. 'Wil je ook?' vraag ik zonder over mijn schouder te kijken, omdat ik weet dat als ik hem op bed zie liggen, ik mezelf niet kan tegenhouden om terug te rennen.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you
Re: [O] We live in the water, we love by the moon.
from Sanne on 04/14/2018 06:26 PMYuki
De opluchting die meekwam met mijn benen en tenen die gewoon bewogen, werd veel te snel weggebrand door de pijn die meekwam met bewegen. Het moment dat ik rechtop sta, weet ik dat ik een fout heb gemaakt. Witte vlekken dansen voor mijn ogen, die naar achter proberen te rollen. Hijgend en koud-zweet zwetend val ik half tegen de muur van het hutje aan. Ademloos vormen mijn lippen de woorden, maar ik kan niet roepen. Mijn knieën begeven het en ik zak er doorheen. Lager bij de grond, weet ik iets te kalmeren. Als ik nu val, breek ik tenminste niet nog meer aan mijn al zo gebroken lichaam. Mijn hoofd tolt en ik hijg zwaar, niet meer in staat iets te doen. Het liefst wat ik wil is terug in dat bed komen en mezelf hard schamen voor de fouten die de afgelopen paar dagen telkens weer hebben gezorgd voor levensbedreigende situaties. Het klamme zweet staat me op het lichaam en voor ik een poging kan doen zelf bij het bed te komen, hoor ik een harde stem vanuit de verte komen.
Langzaam kijk ik op en zie hoe Tatsuo lijkbleek in de deuropening staat, met grote ogen boos te kijken naar me. Niet in staat een antwoord te formuleren, laat ik hem me opnieuw optillen en weer in bed liggen. Duizelig, misselijk en gevuld met pijn in elke plek van mijn lichaam, sluit ik mijn ogen even en probeer op adem te komen, terwijl hij tekeer gaat tegen me. Zijn woorden zorgen ervoor dat ik terug wil schreeuwen, maar mijn lichaam weigert. Te weinig zuurstof, te veel pijn. Mijn ogen zijn echter wel weer open en ik kijk hem aandachtig, nauwlettend en onderzoekend aan terwijl hij maar bestraffend blijft praten. Als ik adem had gehad, had ik hem gezegd dat hij mijn vader niet is en zich niet zo'n zorgen hoeft te maken. Misschien is het maar goed dat ik amper zuurstof heb, want uiteindelijk zouik toch alleen spijt krijgen van die woorden. Uiteindelijk zucht hij en verzacht zijn gezichtsuitdrukking. Als ik niet beter wist, zou ik denken dat hij oprecht bezorgd was, dat hij oprecht om me gaf en wilde dat ik dit alles zou overleven. Misschien is dat ook wel zo, maar het is iets wat ik niet kan bevatten, laat staan over na kan denken.
Hij verdwijnt en ik weet mezelf langzaam maar zeker rustig te krijgen. Ook weet ik mezelf overeind te krijgen, zittend in bed, leunend tegen de hoofdsteun. Uiteindelijk keert hij terug, met de beloofde vis. Mijn maag knort, maar nog steeds ben ik een beetje misselijk van de pijn. Toch pak ik het bord van hem aan, beschaamd over mijn ondoordachte actie van daarnet. Nog steeds heb ik geen woord gezegd, omdat ik niet zo goed weet wat ik moet zeggen. Kijkend naar de vis, schraap ik mijn keel.
'I'm sorry.' is het eerste wat ik zeg en na een paar seconde kijk ik naar hem op. 'I'm sorry I didn't listen, I'm sorry I mocked you and I'm sorry I almost died.' som ik op en zucht, waarbij ik mijn ogen neersla. Mijn hart bonkt hard in mijn borst, waardoor ik me realiseer dat dit de eerste keer is dat ik ooit mijn excuses aanbied. Nooit eerder heb ik de behoefte gevoeld om mijn excuses aan te bieden, in plaats van mezelf te verantwoorden. Even slik ik, waarna ik het bord naast me neerzet en opnieuw naar hem kijk. Mijn schuldgevoel en pijn liggen toch als een steen op mijn maag, dus eten zal er even niet in zitten. 'To come back to your question, no. Nobody ever told me to give my body time to heal, because I'm alone. Besides, my body doesn't need time to heal, it needs water. You did right, by taking me into the sea... When was it? How much time has passed?' Zacht schud ik mijn hoofd, omdat tijd even niet belangrijk is.
'I'd like you... No, could you please take me back to the water, tonight?' vraag ik. Eerst had ik hem willen bevelen me terug te brengen, maar inmiddels begrijp ik dingen. Niet veel, veel te weinig zelfs, maar ik begrijp dat je mensen die je aardig vind, of mensen die geen complete vreemden zijn, anders moet behandelen. 'Please...' voeg ik eraan toe, ondanks dat ik weet dat als hij weigert, ik het toch zelf zal proberen. Maar ergens weet ik dat hij dat inmiddels ookwel begrijpt.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you
Re: O] Neither of them needed to be fixed, they just needed to be loved.
from Sanne on 04/14/2018 05:58 PMMaya
Grijnzend vouw ik mijn armen over elkaar en kijk toe hoe hij het lijstje leest. Direct schud ik mijn hoofd, nog steeds grijnzend. 'Oh nee, guapo, je mag niet bij de eerste al afhaken. Pas bij de enalaatste mag je overwegen om af te haken.' zeg ik glimlachend. 'Ik had niet verwacht dat je zo'n cariño zou zijn, stel me niet nu al teleur.' zeg ik en knipper onschuldig maar uitdagend met mijn ogen. Ik weet toch al dat ik hem binnen heb, dat ik een geweldige dag ga hebben en dat hij toch wel meedoet. Op dat moment kondigt de professor aan dat het college afgelopen is en sta ik direct op met mijn spullen. Met mijn hand maak ik een gebaar dat hij moet opschieten. 'We hebben geen moment te verliezen.' zeg ik grijnzend, waarna ik me langs hem wurm. Heel bewust van wat ik doe, maar nog steeds even onschuldig als altijd, voel ik hoe mijn achterste langs zijn lichaam schuurt.
'Kom op, gringo.' zeg ik en gebaar met mijn hoofd dat we gaan. Er zitten een aantal koffietentjes op campus, maar er is er maar een de beste. Hier begint een stukje van de rondleiding ook al, hoewel ik hem nog niet elk lokaal binnen laat stappen. De lijst vereist heel wat van hem, ik kan niet nu al verwachten dat hij er helemaal in zit. Dat komt wel als hij straks hyperactief is na de espresso shots. Even draai ik me om, om te zien of hij me wel volgt, waardoor ik achteruit loop. Natuurlijk zie ik hem, waardoor ik een mondhoek optrek en me weer omdraai. Al snel zijn we bij de koffietent en bestel ik de koffie, die ik voor het gemak ook gewoon betaal. Met een dienblad loop ik naar Rhys. 'De volgende ronde betaal jij, rich boy.' zeg ik me een knipoog. Hij kent me niet, maar aangezien mijn familie meer dan genoeg geld heeft, kan ik in principe alle rondes van vandaag betalen. Toch denk ik niet dat hij het erg zou vinden, aangezien ik er vastberaden van ben dat ik hem de beste dag van zijn leven ga geven.
'Oké, klaar? Ik tel af en we doen wie het eerst alle vijf de shots opheeft. Klaar? 3... 2... 1... GO!' roep ik, wat een paar hoofden doet draaien. Toch begin ik zonder twijfel aan de espresso shots, die eigenlijk veel te groot zijn om te nemen als shotjes. Met drie slokken heb ik het eerste papieren bekertje leeg, waarna ik de volgende vier zonder moeite achterover sla. Als ik de laatste espresso beker leeg heb, kijk ik nieuwsgierig op om te zien of hij me verslagen heeft of niet. Met de rug van mijn hand veeg ik mijn mond af.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you
Re: ORPG | The more monstrous humanity gets, the nicer monsters become
from Sanne on 04/14/2018 05:43 PMNira
De deur valt dicht, met Cecils mededeling die nog in de lucht hangt. Nu hij weg is, laat ik de pijn toe. Kreunend voel ik direct hoe de tranen beginnen te stromen en ik mezelf amper in de hand heb. Kermend van de pijn laat ik mijn rug tegen de koele muur leunen en druk mijn nagels in mijn handpalmen, om te proberen niet flauw te vallen. Opstaan was een hele grote fout, maar eentje die ik zelf had gemaakt, dus eentje die ik zelf onder ogen zou moeten komen. Met een ratelende ademhaling stap ik op de wasbak af. Mijn spiegelbeeld herken ik amper. Mijn gezicht zit nog onder het vuil en bloed van gister en voor slechts een kleine 1% ben ik blij dat ik heb besloten om mezelf op te frissen. Met trillende handen zet ik de kraan aan en weet met veel gescheld, gekerm en gehuil het shirt over mijn hoofd te krijgen. Mijn hele borstkas zit ingezwachteld, hoewel ik zie dat op sommige plekken het verband rood ziet.
Voorzichtig, langzaam en systematisch begin ik mijn lichaam schoon te maken. Ik begin bij mijn polsen en werk mijn weg omhoog tot mijn gezicht. Mijn haar krijg ik niet voor elkaar, mijn benen ook niet, maar ik voel me wel beter als ik weer in de spiegel kijk en een schoon gezicht zie. Ook doet het water in mijn mond me veel goed. De pijn wordt er echter niet minder van. Met elke seconde die ik rechtop sta, voel ik dat het lastiger is om niet om te vallen. Pas als ik Cecil mijn naam hoor roepen, besef ik me dat hij weer terug is. 'Ik ben hier.' reageer ik met schorre stem. Nog even werp ik een blik in de spiegel, wat me enigszins geruststelt, want het koude water heeft mijn sporen van huilen uitgewist.
Voorzichtig schuivel ik richting de deur, die ik met trillende hand open weet te krijgen. Cecil zit op een van de stoelen, slechts een paar meter van me af, maar ik weet dat ik het niet red. 'Je moet me helpen. Alsjeblieft, Cecil.' zeg ik, buiten adem met trillende stem. Zwaar ademend leun ik tegen de muur aan, mijn ogen proberen weg te rollen maar ik focus ze standvastig op Cecil. 'Sorry. Ik heb een fout gemaakt...' zeg ik en voel de tranen weer opkomen, waardoor ik me realiseer dat ik het niet alleen over nu heb, maar over het hele gevecht van gister. Ik had niet terug moeten gaan, ik was bijna dood. 'Sorry, het spijt me zo.' zeg ik nu, de tranen de vrije loop latend.
they might have stolen the heart from inside you, but this does not define you

Reply