Suche nach Beiträgen von Meticulous

1  |  2  |  3  |  4  |  »  |  Letzte Die Suche lieferte 37 Ergebnisse:


Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] We are all one people, but we live as if divided

von Meticulous am 03.10.2018 09:52

Ze kon niet anders dan klein glimlachen en knikken toen Aisurou vertelde dat Onrak hem enkel de wapenhut had laten zien, zonder enige instructies. Dat was de charme van de orde. Alles werd voor je verzorgd, van een slaapplaats, tot twee maaltijden per dag, tot een daginvulling. Maar andere dingen, praktische dingen, waarbij je je hoofd moest gebruiken, dat moest je zelf doen. Zo moest je zelf de weg vinden, in je eigen hoofd een plattegrond maken en die nooit meer vergeten. En natuurlijk moest je je eigen hoofd gebruiken wanneer je je wapens koos voor de dag. Niemand kon jou vertellen wat je mee moest nemen, het was jouw verantwoordelijkheid. Nu was het zo dat de kleinere kinderen wel gestuurd werden, dat ze niet huilend afscheid zouden nemen omdat ze dachten dat ze te kort schoten. Maar iemand van Aisurou's leeftijd zou zich gemakkelijk moeten kunnen redden. En zo niet, dan was het voor alsnog een besluit dat je zelf maakt om te vragen om hulp, wat niet altijd betekend dat je zwak bent. Soms is vragen om hulp vele malen zwaarder dan iets zelf doen en toegeven dat je hulp nodig hebt, is vaak lastiger dan koppig alleen door blijven gaan. Jammer dat voor leiders dat vaak niet opgaat, als je zwakte zaait is zwakte wat je oogst.
"Dat is waar," beaamde Yué toen hij zei dat hij het dan wel vast had voor zijn training vanmiddag. Gelukkig leek de jongeman er dus toch enigszins over na te hebben gedacht. Waar hij niet over na leek te denken was het opvangen van het zwaard. Stilletjes keek Yué toe hoe hij de beweging maakte om het zwaard op te vangen, maar uiteindelijk mis greep. Het reflex was er dus wel, dat was goed om te weten. Als ze hem dat ook nog eens bij had moeten brengen, dan was het een maanden plan geworden om hem toe te voegen aan de elite-groep, geen dagen of weken plan. "In essentie hebben zwaardvechten en pijl en boog wat dingen met elkaar te maken. Net zoals elke pijl die je afschiet, moet je met elke slag die je je zwaard laat maken goed nadenken. Zwaardvechten is in veel gevallen ver vooruit denken, strategisch spelen en zorgen dat je je tegenstander kan doorgronden", begon ze te vertellen, terwijl ze naar hem toe stapte. "Wij vinden dat iedereen van de groep", ze ontweek heel bewust de naam van de Freedom Fighters zo in het openbaar, "de basis moet kennen van zwaardvechten. Tijdens een missie weet je nooit waar het op uitloopt en stel jij ziet op een afstand als pijl en boog-meester dat het misloopt, moet je adequaat kunnen reageren", vertelde ze verder en ze liet zien hoe je een positie aan moet nemen. "Een beginpositie is vaak het belangrijkst. Je kan kiezen om je zwaard met twee handen vast te houden", zei ze en liet ze zien, "waarmee je je torso direct goed afschermt. Het nadeel is echter dat je mobiliteit extreem beperkt is", concludeerde ze, waarbij ze liet zien dat een zij aanval onmogelijk af te weren was. "Meestal is een hand het best, maar een zwaard is zwaar en het is vaak lastig om het gewicht ervan lang omhoog te houden, dat zal je dus moeten trainen", zei ze. Ze reikte boven haar hoofd en trok haar echte zwaard uit de schede, waarna ze die aan hem gaf, zodat hij het gewicht kon voelen. "Als laatste tip, ga zijwaards staan. Zo geef je je tegenstander minder oppervlak om aan te kunnen vallen", vertelde ze, waarna ze haar echte zwaard weer terug stopte en liet zien hoe. "Je zwaard is een verlenging van je arm, zolang je het als dusdanig ziet zal het je vriend zijn. Als je het ziet als gevaarlijk, vijandig of zelfs eng, zal het je alleen maar tegen werken". 
Met haar vrije hand gebaarde ze dat hij zijn zwaard omhoog moest houden. "Probeer maar eens", zei ze bemoedigend, waarbij ze hem vriendelijk toeknikt.  

Antworten

Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] We are all one people, but we live as if divided

von Meticulous am 26.09.2018 05:08

Het duurde niet lang tot ze hem in vizier kreeg. Ze dacht zelfs dat ze hem eerder had gespot dan hij haar, aangezien ze een zoekende blik op zijn gezicht zag, gevolgd door een korte glunderende blik op zijn gezicht. Toen ze dat zag, keek ze bijna direct weg. De herinnering aan gisteravond was te pijnlijk voor haar. Ze had haar verlangen de overhand gegeven en ze had hem pijn gedaan. Toch leek hij er geen last van de hebben, anders had hij niet zo blij gekeken toen hij haar had gespot. Vanmorgen had ze overwogen niet op te komen dagen, om zoveel afstand tussen hen te laten komen dat hij misschien uit zichzelf weg zou zijn gegaan. Dat kon ze echter niet laten gebeuren, het ging tegen alles in waar ze de afgelopen tijd zo hard voor had gewerkt. Diep haalde ze adem, waarna ze zich afzette van de grond en in een soepele beweging omhoog kwam, voor hij voor haar neus stond. Zijn begroeting zorgde voor een glimlach op haar gezicht, ondanks het voornemen om afstand te nemen voelde ze de grip weer wat verslappen. Direct riep ze zichzelf tot orde en verstevigde haar grip. "Je bent laat", zei ze met een kleine glimlach en wees naar de horizon, die oranjegoud zag van de opkomende zon. "Maar ik zal niets zeggen als jij ook niets zegt", voegde ze eraan toe, waarna ze met haar hoofd in de richting bewoog waar ze naar toe zouden gaan. Verschillende leden die zich inmiddels op het plein hadden verzameld, leken teleurgesteld over het feit dat ze daar niet zouden trainen.
In stilte vroeg Yué zich af of iemand hem per ongeluk al had vertelt over volgende week. Het was gebruikelijk dat na een week aangesloten te zijn bij de Freedom Fighters, er een soort inwijdingsritueel plaatsvond. Een soort laatste test om te zien of de nieuwste toevoeging echt een lid kon worden. Vaak bestond het uit niet veel meer van een demonstratie van wat de persoon in een week had geleerd, wat dat ook was. De koks kookte hun beste en meest favoriete gerecht, de bouwers hadden volledige vrijheid en de krijgers lieten zien wat ze konden. Het zou uiteindelijk aan Aisurou zelf zijn wat hij zou laten zien. Als hij voor de pijl en boog koos, was het een vrij makkelijke demonstratie. Hij moest drie keer schieten, waarbij hij drie keer het doelwit zou moeten raken. Niet in de roos, want voor een beginnend krijger was dat onmogelijk binnen een week, maar gewoon ergens op het doelwit. Het belangrijkste was dat alles met een korreltje zout werd genomen, omdat ze nooit iemand weg zouden willen sturen omdat diegene langzamer leert dan anderen. Eigenlijk hadden ze nog nooit iemand weggestuurd na een week. De andere mogelijkheid was voor Aisurou om Yué mee te nemen en dan een gevecht te houden, waar hij zich zo lang mogelijk staande moest houden. Maar aangezien ze wist dat hij niet veel ervaring had met het zwaardvechten, leek haar het niet erg waarschijnlijk dat hij dit zou kiezen.
"Ook al ga je je vooral focussen op de pijl en boog, heeft iedereen een basis nodig en moet kunnen omgaan met een zwaard. Dus die pijl en boog kan je wel meenemen, maar die heb je bij mijn training vandaag niet nodig", vertelde Yué terwijl ze over de houten bruggen liepen, die het in bladerdak verhulde dorp met kinderen goed verborg. Eigenlijk bedacht ze zich nu pas dat ze haar eigen zwaard niet nodig had tijdens de training, dus dat ze die beter in haar hut had kunnen laten. Heel erg vond ze het niet, het gewicht voelde fijn en vertrouwd op haar rug. Stiekem genoot ze van het gewicht van het ijzer dat haar iets zwaarder maakte, ze had het gemist. Op een rustig tempo liep ze door het dorp heen, naar een van de uithoeken waar een weg naar beneden was gemaakt. Elke uithoek had een eigen functie. Zo was degene waar ze nu naar toe liepen de weg naar het trainingsgebied, een andere ging naar de handelsweg, weer een andere naar een scoutverzamelpunt. Zo waren er nog een paar, waardoor er zoveel mogelijk boven de grond kon worden afgelegd qua afstand, zodat er zo min mogelijk gevaar was van de vuurnatie. Het had even geduurd tot Yué precies wist welke weg naar beneden ze waarvoor moest aanwijzen, maar nu ging alles zo soepel en vanzelfsprekend dat het leek alsof het altijd zo was geweest. Ze kwamen bij de weg naar beneden, waar ze aan een touw trok en de ladder tevoorschijn kwam. Met grote katrollen was het mogelijk om meerdere personen naar beneden te krijgen, als ze op de touw en hout ladder stonden. Ze gebaarde dat hij plaats moest nemen, waarna ze er zelf ook op klom en met een geoefende hand hen naar beneden begon te takelen. Hoe dichter ze bij de grond kwamen, hoe voorzichtiger ze werd. Uiteindelijk stonden ze op de grond, wat voor Yué een hele tijd geleden was geweest. Ze dwong zichzelf echter eerst de ladder weer omhoog te trekken met het touw, waarna ze het touw verborg in de daarvoor uitgeholde richel in de boom. Langzaam draaide ze zich om en snoof de lucht diep op, waarna ze naar Aisurou keek. "Kom", zei ze enkel, waarna ze richting de open plek liep. In een boom die van onderuit een stuk was uitgehold, haalde ze twee houten zwaarden, waarmee ze zouden trainen. Haar eigen zwaard hield ze op haar rug, omdat ze zich nu weer besefte waarom ze die uit automatisme had omgedaan eerder die ochtend. Op de grond was het constant gevaarlijk, er kon zomaar een groep vuurstuurders langskomen, dan moesten ze zichzelf toch verdedigen. Dus, haar echte en scherpe zwaard hield ze dichtbij. "Wat weet je van zwaardvechten?", vroeg ze hem en gooide het houten zwaard door de lucht, waar hij het moest opvangen. Dat was een eerste test, als hij het niet zou opvangen zou dat eigenlijk antwoord geven op haar vraag. Ergens diep van binnen hoopte een deel van haar dat ze niet te koel was tegen hem. 

Antworten

Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] We are all one people, but we live as if divided

von Meticulous am 24.09.2018 09:10

Langzaam liet ze het stapeltje bladeren op tafel neerkomen, waarna ze ze optilde en weer liet neerkomen. Geordend en wel liet ze het stapeltje liggen, waarna ze langzaam in haar stoel zakte. Alle processen verliepen langzaam, omdat Yué diep in gedachten verzonken was. Die vreemde rode vlekjes in Aisurou's nek, dat was hetgeen wat door haar hoofd spookte. Waarom precies was haar onduidelijk, het was alsof opnieuw haar intuitie tegen haar fluisterde, maar ze niet kon verstaan wat er gezegd werd. Nog steeds diep in gedachten verzonken, het beeld alsmaar opnieuw afspelend, pakte ze Aisurou's dossier erbij. Afwezig begon ze op te schrijven wat ze te weten was gekomen. Details over zijn leven op de Noordpool, zijn gezichtsuitdrukkingen en lichaamstaal die bij het vertellen van die verhalen kwam kijken en een conclusie. Tijdens het schrijven van die conclusie viel haar hand stil. Met een schuingehouden hoofd vroeg ze zich af of ze moest opschrijven dat er een zoen had plaatsgevonden, of dat ze het moest omschrijven als intiem contact. Of dat ze het achterwegen moest laten, omdat ze van niemand intiem contact had opgeschreven, hoewel ze wist dat het bij de oudere leden wel eens voorkwam. Helemaal wanneer de bekende feesten gehouden werden. Er waren zelfs wat stelletjes geweest, maar vaak kwamen de leden erachter dat liefde niet erg gemakkelijk te combineren was met de dagelijkse taken. Yué dacht zelf vooral dat deze liefdes niet voortgezet werden omdat het puur lichamelijk was, het was kalverliefde. Ze vroeg zich vroeger dan ook dagelijks af wat het precies tussen haar en Jet was geweest en of dat op lange termijn stand had gehouden. Inmiddels deed ze dat niet meer, omdat het geen zin had en ze diep vanbinnen het antwoord wist. Hij wilde haar klein houden, als zijn eigen kleine assistent. Zelf had Yué nooit geweten dat ze ambities had, omdat ze van jonge leeftijd al bij de Freedom Fighters thuis was en ze er nooit over na had moeten denken. Ze wist beter nu.
Na slechts een paar minuten had ze wel genoeg van het schrijven over Aisurou op de onpersoonlijke en statische manier, waarna ze besloot dat het ook wel voldoende informatie was voor nu. Ze wist dat er nog veel meer te weten viel over de jongeman en gissen had toch geen zin. Dus begon ze haar spullen bijeen te rapen, waarbij nog steeds het beeld van de rode stipjes in zijn nek door haar hoofd spookte. Haast gefrustreerd dacht ze na over wat het kon zijn, terwijl ze de file van Aisurou netjes wegstopte en ze de inkt dichtdraaide. Pas toen ze haar korte schrijfveer vastpakte, begonnen de puzzelstukjes in elkaar te vallen. Ze zag hoe haar vingers de veer vasthielden en op automatische piloot in de houder stopte. Voor een moment leek de tijd te vertragen voor haar, waarbij ze tot het besef kwam dat zij het had gedaan. Ze sprong op van haar stoel, maar in alle haastigheid om weg te komen stootte ze zich aan de tafel en strompelde ze een paar stappen tot ze bij de muur van haar hut aankwam. Met haar bovenarm leunde ze tegen de muur aan, haar hoofd hing naar beneden en haar vrije hand hield ze voor haar gezicht. Steeds liet ze haar hand dichterbij komen, tot de vingers een halve centimeter van haar wang verwijderd waren. De hitte straalde er vanaf, tegen haar gezicht aan. Met een misselijkmakend besef kwam de klap bij haar binnen. Een emmer die in de hoek van haar hut stond waar ze elke ochtend vers water mee haalde, was waar ze voor in stilstand kwam. Kokhalzend boven de lege emmer, knipperde ze de tranen uit haar ogen, pakte ze met witte knokkels trillend de emmer vast. Er kwam niets uit haar maag, het bleef bij kokhalzen en tranen die zonder geluid langs haar wangen naar beneden stroomde.
Haar ergste nachtmerrie was werkelijkheid geworden in slechts een moment van een seconde. Ze kon zich nog herinneren hoe haar hand automatisch omhoog was gekomen tijdens de kus, zonder dat ze daar toestemming voor had gegeven. Opnieuw moet Yué kokhalzen, waarbij nu wel haar eten eruit komt. Zo stil als ze kan, geeft ze over tot er niets meer uit komt dan gal. Huilend zakt ze langs de muur in elkaar. Haar hand, haar eigen hand, had Aisurou verwond. Of het nu een heftige brandplek had achtergelaten of slechts een fijne warmte had gegeven, onbewust was er vuur uit haar vingertoppen gekomen. Vijf minuten gaf ze zichzelf om haar emoties vrije loop te laten gaan, waarna ze zichzelf omhoog duwde. Met de rug van haar hand veegde ze haar tranen en snot weg, waarna ze de emmer oppakte en buiten haar hut zette. Iemand zou dat ongetwijfeld discreet weggooien en het er nooit meer over hebben, het zou de eerste keer niet zijn dat zoiets was gebeurd. 
Een paar minuten later ligt ze in bed, alleen. Trillend, maar zonder het koud te hebben. Nooit meer, nam ze zichzelf toe. Ze kon het niet meer laten gebeuren. De volgende keer zou het misschien veel slechter aflopen. Ze kon beter haar leven alleen doorbrengen, dan alsmaar angst en paniek te voelen als iemand lichamelijk contact met haar aan wilde gaan, bewust of onbewust. Dus maakte ze de afspraak met zichzelf. Een deal met de duivel, want zo voelde ze zich. Hetzelfde vuur wat brandde in hel, brandde in haar. Na een paar uur wist ze de slaap te vatten, waarna ze een paar uur later weer werd gewekt. Toen Yué net was aangewezen als leider, was haar gevraagd hoe ze bepaalde dingen wilde zien. Zo had ze bijvoorbeeld aangegeven dat ze voor zonsopgang gewekt zou willen worden. De persoon die dat deed, had ze nog nooit gezien, maar elke ochtend werd er een kwartier voor zonsopgang op het hout van haar hut geklopt. De leider kan immers niet te laat zijn op afspraken en trainingen. Kreunend sleepte Yué zich uit bed en trok voor het eerst sinds maanden haar trainingskleding aan. Een strakke zwarte broek met een strak zwart lange mouwen shirt, waarna ze haar haar in een hoge staart bond. Ze trok haar lederen half-gevest aan en bond haar schede langs haar schouder op haar rug, waarbij het werd afgemaakt toen ze haar lederen onderarm beschermers ombond. Het glas verse melk wat voor haar deur stond dronk ze in een teug leeg en het stuk brood met koude ragout at ze onderweg naar het verzamelplein op. Voor ze aankwam, wist ze al dat ze eerder zou zijn dan Aisurou, dus liep ze naar het midden van het plein, waar ze in de met wit geverfde lotusbloem ging zitten. De leden die de dag ook al begonnen waren en hun weg zochten naar hun post, keken vol bewondering naar haar, glinsterende ogen van trots. Yué negeerde dit en slikte de laatste hap ontbijt weg, waarna ze wachtte tot hij tevoorschijn zou komen.

Antworten Zuletzt bearbeitet am 24.09.2018 09:15 .

Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] We are all one people, but we live as if divided

von Meticulous am 23.09.2018 03:37

Met zijn reactie op haar woorden, haar mening en uitleg over waarom ze liever uitging van slechtheid in mensen, voelde ze zich opgelucht. Ze kon werkelijk niemand bedenken die het openlijk oneens met haar zou zijn, laat staan tegen haar in zou gaan. Telkens wanneer ze met hem praatte voelde ze zich meer uitgedaagd. Meer alsof ze een persoon was, in plaats van een leider die haast functioneerde als een robot. Yué kon dan ook oprecht uitkijken naar het moment dat ze samen zouden gaan trainen. Niet alleen omdat ze dan weer haar lichamelijke beweging zou krijgen en daarbij even heerlijk kon genieten van de vergetelheid en het verlies van realiteit, maar ook omdat ze wist dat hij zich niet zomaar gewonnen zou geven. Aisurou was nu al een persoon die ze mocht, of ze het nou toe wilde geven of niet, maar ze wist ook dat hoe dichter hij bij zijn potentieel zou komen, hoe meer wederzijds respect ze voor elkaar zouden voelen. "Ik zou teleurgesteld zijn als je klakkeloos mijn mening over zou nemen, dus natuurlijk vind ik het niet erg", reageerde ze vriendelijk. Het zou voor haar altijd interessant zijn en blijven om gesprekken te voeren met hem over deze onderwerpen. Waarschijnlijk over alle onderwerpen. Ze hoopte met heel haar hart dat de anderen hem niet zouden veranderen of beinvloeden, zodat hij haar uiteindelijk ook enkel nog zou zien als leider. Het was niet eens stiekem, ze genoot met volle teugen van zijn ongefilterde woorden en daden.
Pas toen ze tegenover elkaar stonden, met slechts een paar milimeter tussen hen in, kon ze zich herinneren dat hij had opgemerkt dat hij niet veel nodig had om gelukkig te zijn. "Nou als ik ergens mee kan helpen, moet je het maar zeggen", zei ze zacht, waarbij ze haar ogen niet van hem los kon trekken. Energie raasde door haar lichaam heen en de behoefte om hem aan te raken was zo immens groot, dat het haast pijn deed om er niet aan toe te geven. Yué vocht met zichzelf. Ze had zoveel behoefte aan lichamelijk contact, iets waar ze tot op heden niet zich bewust van was geweest. Jet was al maanden niet meer in haar leven, wat betekende dat ze al maanden alleen was geweest, letterlijk en figuurlijk. Nu was ze niet iemand die constant aandacht nodig had, of wat affectie moest krijgen, zo zag ze zichzelf absoluut niet. Maar nu ze ermee werd geconfronteerd, wist ze dat ze het wel had gemist, maar dat ze die gevoelens heel diep had weggestopt. Een paar weken nadat Jet door haar was uitgeschakeld, had ze geprobeerd om te zien of ze met Kenso een connectie had, maar hun gesprekken kwamen nooit verder dan iets vriendschappelijks. Dat had ze niet kapot willen maken, dus had ze toen besloten niet iets met oude vrienden te beginnen. Maar hij, Aisurou, was een heel ander verhaal. Hij liet haar in nog geen vierentwintig uur dingen voelen die Jet haast maanden hadden gekost om haar te laten voelen.
Ze glimlachte klein toen ze zijn bevestiging hoorde. Het was goed om te weten dat hij zich had vermaakt. Yué wist dat veel van de nieuwelingen de eerste paar uren, zelfs dagen, het lastig hadden. Het leek er echter op dat hij daar niet zoveel last van zou hebben. Hij was goed in zich aanpassen naar situaties en hij zag er ook uit alsof hij meer dan gelukkig was met de mogelijkheid die de Freedom Fighters hem boden. Een slaapplaats, warme maaltijden en kameraadschap; een leven. Misschien paste er nog wel wat meer dingen in dat rijtje, maar ondanks de wijn wilde Yué die weg niet inslaan. Niet zomaar. Zolang het enkel aan haar was, zou ze zo lang mogelijk deze connectie negeren, voor zijn eigen bescherming. Echt liegen kon ze er niet over, het verlangen dat in haar woedde was volledig gericht naar hem. Hoewel ze nog nooit een situatie als deze had meegemaakt, vreesde ze dat als ze toe zou geven eraan, hij ervoor zou worden afgerekend. Maar echt zeker wist ze het niet. Toch was ze in dit soort situaties liever niet de persoon die erachter zou komen.
Maar hij leek het daar niet mee eens te zijn. Haar borst verkrampte toen ze zag dat zijn ogen bij haar lippen bleven hangen. Hij beet zacht op zijn lip en nu kon zij ook niet anders dan kijken. Tegelijkertijd zakte haar mond wat open, alsof ze iets wilde zeggen of doen, maar de laatste stap van dat proces niet kon voltooien. Ademloos keek ze toe hoe hij woorden uitsprak en zijn arm omhoog bracht. De hitte die van zijn hand af kwam, maakte haar duizelig. Nog geen moment geleden had ze de paar milimeter tussen hen in fijn gevonden, een soort vangnet. Nu was die ruimte ondragelijk. Een verhittende en verlangende pijn schoot langs elke zenuw die hij aanraakte, helemaal bij haar lippen. Ze had niet verwacht dat iemand zo warm kon aanvoelen, zij was toch altijd degene die in brand stond? Hij wist dat tot een heel nieuw niveau te tillen, zonder er moeite voor te doen. Trillend zoog ze wat adem naar binnen toen hij zich vooroverboog. Ze wist dat ze iets moest zeggen, iets moest doen. Dat werd nu eenmaal van haar verwacht. Maar ze kon het niet. Ze wilde het niet, dus weigerde ze. Ze weigerde alles en liet hem begaan. Haar verlangen was te groot, nam te veel de overhand om iets te kunnen doen. Vechten had ze geen zin in, ze was te moe van het vechten tegen haar behoeftes naar hem toe. Met nog geen dag wist hij haar muur volledig af te breken. Haar constante angst om iemand pijn te doen met lichamelijk contact, was volledig verdwenen. Hij zorgde ervoor dat haar grootste angsten naar de achtergrond verdwenen en hij zou nooit weten hoe dankbaar ze daarvoor was. 
Zijn lippen raakte die van haar aan en ze wist het. Ze wist dat dit was waar ze naar snakte. Ze wist dat hij net zoveel hiernaar verlangde als zij. Ze wist dat het slechts een paar stappen naar achter was, langs het kamerscherm en dat daar haar bed stond. Ze wist dat ze hem wilde opeisen. Ze wist dat het zover niet mocht komen. Maar ze wilde het. Binnen een fractie van een seconde drukte hij zijn lippen harder tegen die van haar, alsof hij haar ook wilde opeisen. Haar armen kwamen omhoog en bleven rond zijn middel hangen, waar ze zijn shirt vast griste en hem dichter naar haar toe trok. Ze duwde terug en plotseling was de kus geen kus meer, maar een zoen. Ondanks dat er geen ruimte meer tussen de twee te vinden was, drukte ze zichzelf dichter tegen hem aan. Ze wilde hem overal voelen, ze wilde zoveel dingen van hem dat het haar maar bleef duizelen. Tijdens de zoen probeerde ze na te denken over of en hoe ze hem het best naar het bed kon leiden. Hoewel ze ietwat krampvastig zijn shirt vasthield, maakte ze een hand los en bracht haar vingertoppen naar zijn nek, waar ze die zacht langs niet strelen.
Iets aan de rand van haar bewustzijn trok echter haar aandacht. Een stukje intuitie, een gevoel dat er iets op het punt stond te gebeuren. Als eerste trok ze haar vingertoppen los, waarna ze haar hele lichaam met een ruk van hem af trok en achteruit sprong tot ze de tafel achter zich voelde. Nog geen halve seconde later hoorde ze Onrak. "Yué, is Aisurou hier?" vroeg hij, waarbij het doek rimpelde, alsof hij dat opzij had willen schuiven maar zich het laatste moment bedacht. Die verdomde pijl en boog soldaten bewogen zich zo stil als de wind en als het niet voor haar intuitie was geweest, had hij hen misschien wel betrapt. "Ja, kom binnen", zei ze kalm en koeltjes, alsof er niets aan de hand was. Ze wierp nog een blik op Aisurou, waarna ze Onrak aankeek die binnenstapte. Hij keek van Aisurou naar mij, met geen enkel sprankeltje argwaan in zijn blik. "Ah, daar ben je. Ik moet je de wapenkamer nog laten zien voor morgen. Kallah vertelde dat je in de ochtend traint met Yué en in de middag met mij, dus dan moet je wel voorbereid zijn", zei Onrak met een glimlach en duwde zijn vuist zacht en vriendschappelijk tegen Airusou's bovenarm. "Goed idee, gaan jullie maar. Ik zie je morgenochtend bij zonsopgang op het verzamelplein", zei Yué en knikte naar Aisurou en Onrak als teken van afscheid, waarna ze zich omdraaide en deed alsof ze wat papieren doorbladerde. Haar hart ging als een drilboor tekeer in haar borst en om een of andere reden stonden de tranen haar in haar ogen, alsof de gedachte aan betrapt worden alleen al het einde had kunnen betekenen. Misschien in een paar opzichten wel. Het had een einde kunnen betekenen aan het warme welkom wat Aisurou was gegeven, en een einde aan het blinde vertrouwen van Onrak. Ze hoorde de voetstappen bij de ingang en ze nam zich voor niet om te kijken. Omkijken zou net hetgeen kunnen zijn wat argwaan zou wekken bij Onrak. Het zou net het stukje kunnen bloodgeven van Yué's naar de buitenwereld onwalkelbare zelfvertrouwen. En toch keek ze om, vlak voor het doek dichtviel. Ze kon nog net een blik werpen op Aisurou, althans de zijkant van zijn lichaam en profiel. Het viel haar op dat hij rode vlekjes in zijn nek had, maar ze keek alweer voor zich zodat ze geen tijd had om het te onderzoeken.

Antworten Zuletzt bearbeitet am 24.09.2018 08:34 .

Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] We are all one people, but we live as if divided

von Meticulous am 23.09.2018 02:00

Ergens voelde ze zich een beetje schuldig, dat ze de vragen stelde met twee motieven. Haar persoonlijke motief en haar leidinggevende motief. Ze wilde hem beter leren kennen, wilde dingen te weten komen over de persoon voor haar om zo een betere band op te bouwen. Maar ze wilde ook informatie voor zijn file, om dingen op te kunnen schrijven die haar kunnen helpen bij zijn profiel opstellen. Het was een van de taken die haar automatisch in de schoot was geworpen toen ze werd aangewezen als leider. Jet deed het ook en zijn broer voor hem, maar het was nooit zo gestructureerd geweest als nu. Van werkelijk iedereen, zelfs van zichzelf, had ze een profiel gemaakt, een mapje met papieren waar alles op stond was van belang kon zijn. In zijn dossier stonden tot nu toe standaard dingen, zoals de dag waarop ze hem hadden gevonden, de antwoorden op zijn drie vragen en kleine verslagen van Onrak en Kallah over de eerste dag. Ook had ze zelf wat kanttekeningen gemaakt, kleine zinnetjes of opmerkingen tussendoor, die ze later netjes zou verwerken tot ze een overzichtelijk overzicht had van hem. Ze wist niet goed of ze zich schuldig moest voelen. In eerste instantie had ze de vraag gestelt uit oprechte nieuwsgierigheid, maar ze realiseerde zich later dat het ook goed was voor andere doeleinden. Yué besloot het van zich af te zetten en zich op zijn antwoorden en het eten te focussen, die twee dingen hadden immers voorrang op haar eeuwige stroom van gedachten.
In stilte liet ze de woorden tot zich doordringen. Wat hij zei was in essentie iets waar ze blij van werd, waardoor ze positiever kon kijken naar haar eigen situatie. "Dat is exact hoe yin en yang werken. In elke goede substantie, levend of niet, zit iets slechts en in elke slechte substantie zit iets goeds. Maar het menselijke en filosofische vraagstuk is of je per norm uit moet gaan van dat iemand goed is met wat slechts, of slecht met wat goeds. Etisch gezien komt iedereen als goed op de wereld, maar vanuit een persoonlijk standpunt zou ik eerder willen uitgaan van dat mensen slecht zijn, tot ze het tegendeel bewijzen. Op die manier kunnen er minder ongelukken gebeuren en kan ik hier iedereen veilig houden", sprak ze uit op een trage toon, alsof ze dit zo'n beetje gaande weg bedacht. Het tegendeel was waar, dit soort vraagstukken hielden haar 's nachts wakker, zorgde ervoor dat ze soms niet kon eten en dat het zo druk was in haar hoofd. Was haar manier van leiderschap wel de juiste? Ze wist dat iedereen in het kamp gelukkig was, maar de eerste paar uren altijd argwanend naar nieuwelingen. Dat kwam niet alleen door haar aanpak, maar ook door wat de jongeren allemaal al was aangedaan op hun jonge leeftijd.
Ze glimlachte en stopte ook de laatste hap in haar mond, waarna ze haar bord ook wat naar achter schoof en naar hem keek. "Dat is fijn, ik denk dat met de tijd veel leden benieuwd zullen zijn naar je verhalen en avonturen op de Noordpool", zei ze en dronk haar glas wijn leeg. Haar hoofdpijn was verdwenen, daarvoor in de plaats was een gemoedelijke roes in haar hoofd gekomen. Door de nevel kon ze haar gedachten bijna niet meer horen, wat zowel een bevrijding was als een gevaarlijke gemoedstand. Er was een stilte gevallen tussen de twee en Yué keek langzaam naar hem op, haar ogen trokken een spoor vanaf zijn handen, langs zijn armen naar zijn nek en uiteindelijk gezicht. Zonder er erg in te hebben bleven ze even hangen op zijn lippen en eindigde bij zijn ogen. "Ik hoop dat je hier gelukkig wordt", haar stem klonk zonder dat ze daar toestemming voor had gegeven, maar ze kon op geen enkele manier spijt hebben van haar woorden, omdat ze waar waren. Plots, alsof ze ineens een besluit had genomen, schoof ze haar stoel naar achter en liep om de tafel heen. Even dacht ze dat ze zichzelf naar hem toe stuurde, maar ze liep naar de deuropening, die nog steeds goed werd afgeschermd door het doek. Ook hij kwam in beweging, maar voor hij ook maar kon nadenken over weggaan, overbrugde ze de afstand tussen hen twee. Voor de tweede keer in nog geen uur stonden ze dichtbij elkaar, hoewel ze dit keer elkaar niet aanraakten, daar zorgde Yué heel zorgvuldig voor. Met een schuingehouden hoofd keek ze naar hem op, alsof hij een puzzel was die ze net niet kon oplossen. "Bedankt voor het gezelschap", zei ze zacht en glimlachte klein om het feit dat ze zacht praatte, het ging automatisch maar voelde gepast. "Ik vond het fijn", voegde ze eraan toe, hoewel ze eigenlijk veel liever had dat hij niet zou gaan. Haar bui was nog steeds niet volledig verdwenen, ze wist nu al dat de herinnering aan alle net niets van vandaag nog lang zouden naspoken in haar hoofd. Ze likte haar lippen en keek opnieuw naar hem op. Ondanks dat ze afscheid aan het nemen was voor vandaag, kon ze zich er niet toe zetten om het doek vast te pakken en hem uit te laten. De wijn zorgde ervoor dat het verlangen naar meer te groot was om dat te doen. Door deze hoeveelheid wijn zou ze nooit iets doen waar ze niet achter stond, maar het zorgde er wel voor dat de grens tussen haar hoofd en haar hart net een paar centimeter werd verlegd. 

Antworten

Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] To the stars who will listen and the dreams who will be answered

von Meticulous am 02.05.2018 07:54

Een beetje verdwaasd had Lyora met haar ogen staan knipperen tot ze de kamer voor haar scherp kreeg. Ze stond in een grote en open kamer, waar enkel een grote tafel in het midden stond en stoelen eromheen. Ze kon zien dat normaliter op de tafel een grote map lag, maar deze nu weg was gehaald. Het stak toen ze zich besefte dat dit was omdat ze niet vertrouwd werd. Keer op keer moest ze betalen voor de fouten die gemaakt waren door haar vader. Het was niet voor het eerst dat ze zich afvroeg of haar leven niet een stuk makkelijker zou zijn geweest als ze niet geboren was als de dochter van Hybern. Maar dat maakte nu toch niets uit. Toen de vrouwelijke schaduwzanger haar hand van Lyora haar onderrug weghaalde, werd haar betovering verbroken. Direct wist Lyora weer welke rol ze aan moest nemen, wie ze moest spelen om dit spel te overleven. Vriendelijk, wat overigens niet gespeeld was, want Lyora was een oprecht vriendelijke Hoge Fae, knikte ze naar de schaduwzanger, wiens naam ze niet kende. 
Lyora draaide haar hoofd toen ze bij haar naam en titel werd aangesproken. Toen ze haar hoofd had gedraaid, viel haar oog op een jongeman die zo knap was dat het een schok door haar lichaam liet gaan. Voor slechts een fractie van een seconde kon ze hem alleen maar aanstaren, waarna ze weer terug in haar rol werd geduwd door het strenge stemmetje in haar hoofd. Ze glimlachte klein, beleefd en lieflijk. Omdat ze nog steeds niets wist over hem, behalve dat de schaduwzanger de naam Uriël had laten vallen, maakte ze slechts een kleine reverence. "Ik zou uw hand schudden, maar het lijkt erop dat u mijn naam al weet. Hoe kan ik u aanspreken, Edelheer?", vroeg Lyora ontzettend beleefd. Zo was ze opgevoed, om te praten met zulke woorden, met zulke beleefdheid, terwijl alles in haar lichaam leek te schreeuwen om een nonchalante aanpak bij deze jongeman.
De schaduwzanger trekt eerst nog de aandacht van de Edelheer. Aandachtig luister ik naar haar woorden, maar kan mezelf er niet van te weerhouden om klein te glimlachen als ze zegt dat hij ook best de trap kan beklimmen. Als Areon zou horen met hoeveel sarcasme ze het zou zeggen, zou hij haar een draai om haar oren geven. Hoewel Areon er geen dag ouder uitziet dan 30, heeft hij in werkelijkheid het einde van de eerste grote oorlog meegemaakt. Dat zou hem iets jonger maken dan Rhysand zelf. Toch was hij altijd erg vooruitstrevend en meegaand voor zijn leeftijd, geen vast geroeste man op leeftijd. Dat zou niet wegnemen dat als hij die trappen zou moeten beklimmen, hij daar erg gepikeerd over zou zijn. Daardoor kalmeerde de woorden van de Edelheer van het Nachthof haar en toen de schaduwzanger verdween, kon ze zich met een gerust hart storten op haar audiencie met de edelheer.
Lyora vroeg zich direct af wat de kracht van de edelheer zou zijn. Toen ze hem aankeek, voelde ze zich direct op haar gemak, wat haar deed vermoeden dat hij ook een zekere aanleg had voor magie, of misschien een kracht die focust op de emoties van anderen. Ze waren nog niet begonnen met spreken, maar toch voelde ze zich nu al veilig en gehoord. Het zachte kuchje van hem haalde haar terug naar het hier en nu, waardoor ze knikte, haar jas losknoopte en plaatsnam op een van de stoelen. "Bedankt dat u me wilde ontvangen", zei Lyora vriendelijk en beleefd. Daarbij bleef ze de jongeman aankijken. Areon had haar geleerd dat ze niet weg moest kijken, althans niet direct. Ze was een koningin en koninginnen waren dominant. Toch was ze gewaarschuwd door Areon, omdat ze niet te dominant moest zijn naar een edelheer. Helemaal niet naar eentje waar ze een gunst van zocht. De edelheer vroeg haar waarom ze hier gekomen was. Bijna begon Lyora zonder erbij na te denken te spreken, maar ze hield zich precies op het goede moment in. Ze wist niet of het de bedoeling was geweest van de jongeman om haar zo op haar gemak te krijgen, dat ze zonder nadenken zou spreken, maar als dat het geval was dan was het wel heel doorzichtig. "Zou u het goed vinden als ik een tijdelijke geluidsgrens trek om deze kamer, zodat uw wens nageleefd wordt en het gesprek tussen ons twee zal plaatsvinden?", vroeg ze beleefd. Om haarzelf een houding te geven, sloeg ze een been over het ander en legde ze haar handen in haar schoot. Het zachte bont van haar jas kriebelde tegen haar nek, omdat de jas over de leuning van de stoel was geslagen. 

Antworten

Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] We are all one people, but we live as if divided

von Meticulous am 02.05.2018 06:55

Nauwlettend hield Yué de jongeman tegenover haar in de gaten. Niet langer omdat ze hem niet vertrouwde, maar juist om hem beter te leren kennen. Mensen konden dan nog wel zo veel over zichzelf te vertellen hebben, vaak werd uit hun acties meer duidelijk dan uit de woorden. Niet altijd, dat gaf Yué ook direct toe. Dingen zoals ambitie konden niet duidelijk worden uit lichaamstaal en acties, althans, niet direct. Toch vond ze het interessant om naar hem te kijken. Om te zien hoe hij langzaam op elke hap leek te kauwen, maar toch zo snel mogelijk alles naar binnen schoof. Het sprak elkaar tegen, maar was te verklaren. Hij had zo lang honger geleden dat eten dat voor hem stond, zo snel mogelijk naar binnen moest voor het werd afgenomen. Maar, hij was een fijnproever en respecteerde de verschillende smaken op zijn palet. Dit soort kleine dingen intrigeerde Yué, hoe je iemand gemakkelijk kon leren kennen door alleen maar te observeren. Ze vroeg zich af wat hij zag, of hij haar net zo oplettend genadesloeg, of dat hij normaal was. Dat hij niet door harde levenslessen gedwongen was mensen zo nauwlettend in de gaten te houden, dat het soms haast voelt als stalken. Als ze alleen maar Jet zo goed in de gaten had gehouden, dan was er zoveel leed bespaard gebleven. Dan was ze geen leider, kon ze toegeven aan haar verlangende gevoelens voor de jongeman tegenover haar. Het laatste wat Yué was, was normaal. Ze was een vuurstuurder die zichzelf niet kon toelaten te vuursturen, omdat ze de leider was van een grotendeels minderjarige groep rebellen die vecht tegen de vuurnatie. Om het ingewikkelder te maken had ze een zeer gecompliceerde relatie met de vorige leider, die hen allen had verraden en was overgelopen naar de vuurnatie. Ze voelde soms nog steeds het bloed kleven aan haar handen, zijn bloed.
Zacht schudde ze haar hoofd onopmerkbaar, zodat ze zich weer kon focussen. Ze merkte dat hoe langer ze niet het vuur uit haar lichaam liet, hoe meer ze achtervolgd werd door de beelden van vroeger, die ze allang verwerkt had, maar nooit kon laten rusten. Een moord, hoe terecht ook, is iets wat een mens nooit van zijn kerfstok kan krijgen, dat had Yué allang ondervonden. 
"Oh, begrijp me niet verkeerd, je hebt gelijk. De meesten zetten hun sturing goed in, maar er zijn zaken bekend van niet alleen vuurstuurders die de fout in zijn gegaan. Ik probeer in geen enkel opzicht iets goed te praten, als ik de vuurnatie niet tot mijn binnenste zou haten met elke vezel zou ik hier niet zijn, maar het is een interessant debat. Een debat dat amper gevoerd wordt, omdat men gelijk het verkeerde aanneemt", zei Yué, waarbij ze Aisurou even strak aankeek en daarna doorging met eten. Ze hoopte dat ze zo zonder woorden duidelijk kon maken dat dit een van die dingen was waar ze enkel samen over zouden praten. Ze hoopte eigenlijk dat er heel veel dingen zouden zijn waarover ze enkel samen zouden praten. Yué merkte dat ze het goed kon vinden met hem en was ergens bang dat dit te ver zou gaan voor hem, dat hij liever niet met iemand zou converseren die zulke meningen verkondigde. 
"Zat het watersturen wel in je familie?", vroeg ze toen, hopend een ander gespreksonderwerp aan te snijden, voor het geval hij inderdaad klaar was ermee. Eigenlijk verwachtte ze niet dat hij het heel verkeerd op zou vatten, dat hij best open zou staan voor haar visie. 

Antworten

Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] We are all one people, but we live as if divided

von Meticulous am 14.01.2018 07:09

Ze kon niet anders dan glimlachen toen ze de zachte grinnik van zijn kant hoorde. De gebroken jongeman die vanmorgen het kamp binnen was gebracht, leek in niets op de jongeman die ze nu voor zich had. Hij zag er ontspannen uit, alsof hij meer dan genoot van alles wat de Freedom Fighters hem te bieden had. Yué lachte zacht om zijn opmerking. "Als je nu al je herinneringen kwijt begint te raken, heb je wellicht al genoeg gehad", zei ze glimlachend en nam zelf ook nog een slokje. Ze voelde haar vermoeidheid nog al te goed op de achtergrond sluimeren, maar zijn gezelschap zorgde voor hele andere dingen die in haar hoofd omgingen. Dingen die absoluut niets te maken hadden met vermoeidheid. Zijn gezelschap zorgde ervoor dat ze zich wat kon ontspannen, dat ze niet constant de druk en de stress voelde. Ze wilde hem vertellen dat hij hier altijd welkom zou zijn, maar dat ging wellicht een beetje te ver. Het laatste wat ze wilde was hem afschrikken met zulk soort praat.
Nauwlettend hield ze hem in de gaten toen hij de eerste hap van zijn eten nam. Haar mondhoeken kwamen omhoog in een brede glimlach toen ze zag hoe hij reageerde op het eten. Eerder vandaag had Yué hem al wat te eten gegeven, maar dat was enkel een stuk brood met boter. De maaltijd die hij nu voor zich had staan, overtrof dat in elk opzicht. "Ik ben blij dat het je smaakt", glimlachte Yué, waarna ze zelf ook aan haar maaltijd begon. Het smaakte inderdaad heerlijk. Dat kon komen doordat ze al lang niets meer had gegeten, of door de manier waarop het eten was verkregen. Nog steeds kon ze de adrenaline op haar huid voelen kleven van de kleine maar stiekeme actie samen met Aisurou. Het bedwelmde haar, zorgde ervoor dat ze verlangde naar de tijden dat ze nog geen leider was. Dat ze nog mee ging op missies, dat zij er mede voor zorgde dat de vuurnatie soldaten zich overgaven. Dit was een ander soort adrenaline geweest, omdat het in vergelijk tot een echte missie amper noemenswaardig was. Een deel van de adrenaline kwam zelfs niet eens van hun geheime uitstapje, maar meer door het korte moment in de voorraadkast. Het gonsde nog na onder haar huid, als een pulserend en verslavend goedje.
Haar honger stillend, bleef ze eten, zelfs toen Aisurou begon te vertellen over de Noordpool. Yué had altijd het verlangen gehad om de wereld te zien. Het intrigeerde haar hoe groot de wereld was, hoeveel er nog onontdekt kon zijn. Ze wilde weten hoe het was om het ijskoud te hebben, ze wilde weten hoe het was om de woestijnzon op haar huid te voelen. In plaats daarvan had ze akelig weinig gezien van de wereld. Ze was opgegroeid in een klein dorp, waar haar moeder altijd in angst leefde, dus waar Yué amper vrijheid had gehad. Toen alles vervolgens plat werd gebrand, had Yué rondgezworven, maar altijd in het vuurnatie gebied. Hier en daar had ze een vuurmeester gehad, die haar wat van de basis van vuursturen had geleerd. Ze leefde van wat ze stal en van de goedgevigheid van anderen. Tot ze werd gevonden, door Jet. Hij was degene die haar mee had genomen, haar had gezegd dat alles goed zou komen. Zijn broer was toen de leider van de Freedom Fighters, maar Jet nam het al snel over. En dat had een einde gebracht aan Yué's zwervende bestaan. Jet was alles wat ze nodig had gehad, een vriend die haar een dak boven haar hoofd en eten aanbood. Later groeide die vriendschap uit tot iets anders, iets waar Yué liever niet meer aan dacht.
"Dat klinkt werkelijk prachtig", beaamde Yué toen Aisurou verteld had over de noordpool. Ze was niet verrast om te horen over zijn verlangen om het water te kunnen besturen. Vrijwel iedereen die geen element besturen kon, verlangde ernaar. Yué was een van de weinigen die het wel kon en daarbij wenste dat dat niet zo was. "Ik weet niet of een element besturen iets goeds is. Het kan mooi zijn, maar, ik weet niet, de elementen hebben ervoor gezorgd dat we ons in een oorlog bevinden. Als je elke gebeurtenis nagaat, is het in eerste instantie fout gegaan toen de elementen beschikbaar kwamen voor mensen...", begon Yué voorzichtig. "Ik weet dat het een zeer onpopulaire mening is en ik wil je niet beledigen. Water lijkt me een prachtig element, omdat het niet alleen gebruikt wordt voor iets vernietigen, maar ook voor mensen genezen", stuntelde ze verder. Haar ongemak kwam niet van de wijn, of zijn aanwezigheid, maar omdat ze deze mening haast nooit hardop uit had gesproken. Ze was ten alle tijden bang om te spreken over elementen besturen, omdat ze bang was dat haar geheim uit zou komen. Alsof iemand dwars door haar heen zou kunnen kijken en haar geheim uit haar zou trekken.

Antworten

Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] They say, once you dream something more than once, it is bound to come true

von Meticulous am 06.01.2018 08:31

Het was geen verrassing dat Paul zonder enige moeite de appel had opgevangen. Het was Auri al veel te snel gaan vervelen om zijn reflexen te testen, hoewel ze ook daar haar periode in had gehad. Met dag in dag uit niets te doen behalve haarzelf en hem vervelen, bleef er niet veel over. Het testen van zijn reflexen was een leuke periode geweest, iets wat ze nog steeds zo af en toe deed. Maar alleen al deze actie met de appel, deed haar vermoeden dat Paul het nooit af zou leren. Pas wanneer hij het zou afleren, zou ze zich zorgen gaan maken om hem.
Ze schudde haar hoofd. "Prinsessen dragen schoenen", was haar simpele uitleg en wiebelde daarbij met haar tenen. Ze droeg haast nooit schoenen, die voelde veel te beklemmend. Daarbij was het gras wat tegen haar voeten kriebelde, veel te fijn om te missen. Door de jaren heen wist Auri precies wat ze fijn vond aan het bos en wat ze minder fijn vond. Met stipt stond op nummer één van de dingen die ze niet fijn vond: de eenzaamheid. Met Paul in haar leven was de eenzaamheid minder, maar het bos had altijd iets sombers over zich. Alsof zelfs de bomen een beetje eenzaam waren. Het sluimerde in het bos door, wat haar soms verdrietig wist te maken. Niet dat ze het daarover had met Paul, dan zou hij in plaats van haar prinses te noemen, naar het gekkenhuis brengen. Auri voelde het wel vaker, een vreemd soort somberheid en duisternis die door het bos gleed. Ze maakte zich dan snel uit de voeten, omdat ondanks dat ze niet wist wat het was, ze daar ook niet achter wilde komen.
"Nee, maar je gedraagt je wel vaak ridderlijk genoeg om er een te zijn. Daarbij, we zijn nou eenmaal de prins en prinses van het bos hier. Niemand die ons van onze troon stoot", zei Aurora met een grote en trotse glimlach naar hem. Het waren woorden zonder betekenis, meer om Paul af te leiden van het feit dat ze zo richting het dorp zouden gaan. Aurora voelde haar hart tekeer gaan in haar borst, maar wist haar enthousiasme zoveel mogelijk te beperken. Ze wist dat als ze te blij en opgetogen zou zijn, Paul het te gevaarlijk zou vinden. Ondanks haar voornemen, kon ze niet anders dan breed glimlachen bij het vooruitzicht naar een dag in het dorp. Of een paar uurtjes. Ze was al blij met een glimps van het dorp. Vanuit de bossen had ze vaak genoeg gegluurd, maar ze durfde het nooit. Haar tantes hadden het haar laten beloven, het haar laten zweren dat ze nooit alleen zou gaan. Haar tantes waren nooit van plan geweest mee te gaan, maar ze dachten dat ze met deze belofte haar genoeg onder de duim te kunnen houden. Nu ze met Paul ging, brak ze technisch gezien haar belofte niet.
Ze glimlachte even om Pauls bezorgheid. Alsof iemand om zou kijken naar haar. Misschien alleen naar haar blote voeten, maar verder was ze zo speciaal niet. "Beloofd", zei ze plechtig met een hand op haar hart en keek glimlachend naar Paul op. Ze wiebelde met haar wenkbrauwen om zijn opmerking. "Aantrekkelijk, hm?", herhaalde ze plagend, waarbij ze haar hart negeerde. Lachend liet ze zich op het paard zetten, dat ze zachtjes kriebelde in zijn nek. "Ik heb geen geld... Maar kunnen we misschien iets kopen voor Gypsy in het dorp?", vroeg ze toen, haar hoofd omdraaiend naar Paul. Ze maakte zich nooit druk om haar gebrek aan geld, maar nu zorgde het er wel voor dat ze zich er een beetje rot door voelde. Ze wilde Paul niet verplichten dingen te laten betalen, maar hij wist dat hij altijd eerlijk kon zijn tegen haar. Ze waren immers altijd eerlijk tegen elkaar.
"Paul...", zei ze zeurend toen hij haar opnieuw prinses noemde. Voor ze meer tegen hem in kon gaan, gaf hij Gypsy het teken dat ze gingen. Stevig hield ze zich vast aan zowel Paul als Gypsy. Ze hadden wel vaker ritjes gemaakt, vaak was het Pauls idee om Aurora af te leiden van haar verlangen naar het dorp. Het hielp vaak, maar niet altijd. Nooit genoeg. Nu had ze het eindelijk voor elkaar gekregen, ze gingen er werkelijk naar toe. Toen Paul eindelijk Gypsy vaart liet minderen, voelde Aurora haar hart een sprongetje maken. "Zijn we er al?", vroeg ze ongelovig en draaide opnieuw haar hoofd om naar Paul. Van enthousiasme was ze ietwat buiten adem en haar ogen hadden de ondeugende glinstering erin, die ze vaak kregen als ze over het dorp aan het praten waren.

Antworten

Meticulous

30, Weiblich

Beiträge: 37

Re: O] They say, once you dream something more than once, it is bound to come true

von Meticulous am 06.01.2018 08:28

Glimlachend kwam ze tussen de bomen vandaan. Paul had haar allang aan horen komen, wat ze nog steeds opmerkelijk vond. Zijn reflexen en zintuigen waren zo goed ontwikkeld dat Auri zich vaak genoeg afvroeg of hij misschien magie ervoor had gebruikt. Het was oneerlijk. Hij won altijd spelletjes zoals verstoppertje, omdat hij haar altijd binnen enkele momenten al wist te vinden. Heel erg vond ze het niet, zijn aanwezigheid en gezelschap was veel belangrijker voor haar dan het winnen van een stel spelletjes. Daarbij had ze het idee dat hij haar vaak genoeg liet winnen, dus dat maakte al veel goed bij haar. Ze gooide een van de appels die ze had meegenomen zijn richting uit. "Weet je heel zeker dat je geen beter koosnaampje kan vinden?", vroeg ze, haar appel vasthoudend. Langzaam bracht ze de appel naar haar mond terwijl ze Paul enigszins uitdagend aankeek. Ze nam een hap, waarbij ze haar hand langs haar mondhoeken moest halen om het sap weg te vegen. Op een of andere manier wisten haar tantes altijd het beste fruit mee terug te nemen. Het smaakte een stuk minder zoet als Aurora zelf het fruit plukte, dus daar was ze lang geleden mee gestopt.
Inmiddels was ze bij hem en het paard aangekomen. Zacht streelde ze de hals van het paard, dat goedkeurend snoof. Er was bijna altijd een glimlach op Auri's gezicht te vinden, net zoals nu. Het was prachtig voor haar om te zien dat het paard haar accepteerde. Het had even geduurd, maar uiteindelijk wist Aurora toch iedereen voor zich te winnen. Dat maakte het extra onbegrijpelijk voor haar dat haar eigen ouders haar achter hadden gelaten. Ze had minstens honderd keer aan haar tantes gevraagd om het verhaal nog eens te vertellen. Nooit veranderde er details, maar ze hoopte er toch elke keer weer op. Toen ze net geboren was, was ze als baby bij het huisje van de drie zussen achtergelaten. Geen briefje, geen ouder, niets. Het enige wat ze had, was een babydekentje waarop haar naam geborduurd stond.
"Als ik jou prins noem, dan vind je dat ook niet leuk", fronste ze naar Paul. Het was waar. Sinds hij was begonnen met het koosnaampje, had ze vaak genoeg geprobeerd om hem aan de naam prins te koppelen. Het lukte nooit. Als Paul wilde kon hij best overtuigend zijn, hoewel Auri wist dat ze vaak de controle wel over hem had.
Ze had Pauls vraag al verwacht, het was de vraag die hij al dagen lang aan haar stelde. "Nee ik denk dat ik toch liever mijn tienduizendste middag doorbreng bij het meertje", zei ze sarcastisch. De laatst hap had ze inmiddels genomen van haar appel. Het klokhuis gooide ze in een bosje, zodat de vogeltjes daar misschien nog iets mee konden. Dat was immers een betere voorstelling dan een stel mieren of andere insecten die ermee vandoor gingen. "Kom op, laten we gaan", zei ze enthousiast. Van enthousiasme en spanning hupste ze wat rond, tot ze vlak voor Paul tot stilstand kwam. Hij was altijd een stuk ouder geweest en daarom ook altijd een stuk langer. De laatste paar jaren was Aurora veel gegroeid, maar ze wist dat ze hem nooit in zou halen. Zelfs nu nog schelen ze haast een kop. "Nu is de grote vraag, of jij klaar bent", zei ze breed glimlachend en prikte daarbij in Paul's wang. Ze wist dat hij het er niet mee eens was. Het had haar jaren gekost om hem eindelijk zover te krijgen. Nu het zover was, leek hij er nog steeds niet helemaal blij mee te zijn. "Doe eens niet zo bezorgd, het komt echt wel goed", zei Auri waarbij ze haar handen op zijn kaken had gelegd en zijn hoofd zachtjes en teder heen en weer had geschud, in een poging de bezorgde blik weg te krijgen.

Antworten
1  |  2  |  3  |  4  |  »  |  Letzte

« zurück zur vorherigen Seite